donderdag 20 september 2012

Niet te krampachtig, hoe doe ik dat?

Heel langzaam pas ik mijn dagritme aan:
wennen aan andere patronen,
oefeningen integreren in mijn dag,
een stukje lopen om de spieren te trainen.

Heel vaak wil ik té graag.
Hoe meer ik me vastbijt
in het beter worden,
des te eerder het beter worden
tussen mijn vingers glipt.

Ontspannen, zonder druk.
Niet moeten maar met zachtheid.
Dat komt mij bepaald niet aanwaaien.

Altijd wil ik de beste van de klas zijn.
Diegene die de stof het eerste doorheeft.

Maar die truc werkt nu niet.
Hoe meer ik me er in vastbijt,
hoe groter de onmacht wordt
en hoe kleiner de kans
dat ik nog ontspannen blijf.

Juist die karaktertrek die maakt
dat ik snel succes kan hebben
en snel iets oppik,
kan ik nu niet inzetten
omdat het nu averechts werkt.

Ik moet dat loslaten
wat altijd maakte
dat ik succesvol was.

Dat voelt als hinkelen
met mijn ogen dicht.
Als dansen met mijn benen
aan elkaar gebonden.
Als lopen zonder kaart.

Laat het moeten en zullen los
en vertrouw er op
dat dit ook voor jou werkt,
zo vertelt Gupta mij nu dagelijks.

Ik lees het, ik hoor het, ik zie het
maar kan er telkens net niet bij.

Toch maakte ik al enorme sprongen.
Moet je nagaan hoe het straks is,
als het kwartje helemaal is gevallen.