vrijdag 9 maart 2012

Onderweg naar Boeddha

Ik kijk naar de vrouw
in de spiegel
en vraag:
jij hebt zó veel losgelaten,
ben je al een Boeddha?
Het menselijke ontstegen?
Je nam afscheid van 
vrienden,
werk,
sociale contacten,
zelfstandigheid,
gezondheid?
Wat doet dat met je?

De vrouw in de spiegel lacht.
Ik ben nog niet 
voor de helft op weg.
Ik verlang nog zó veel
van het leven en mezelf.
Pas als ik niet meer droom,
pas als ik niet meer verlang,
pas als ik daar wil zijn
waar ik ben
en niet probeer weg te lopen,
pas als ik ben in het moment,
en niet terugkijk of vooruitloop
op dat wat was of dat wat komt,
pas dan ben ik op weg.
Pas dan heb ik 
het eerste stapje gezet.
Het eerste stapje 
dat maakt 
dat ik vrij ben.
Maar die stap 
kan ik pas zetten
als ik niet meer verlang
naar die eerste stap.
Onderweg naar Boeddha 
is een lange reis. 

Over dat antwoord
moet ik even nadenken.
En als ik eindelijk weet
wat terug te zeggen,
kijk ik weer naar haar,
naar de vrouw in de spiegel,
en zie dat ze er niet meer is.
Ongeduldig geworden
en weggelopen,
onderweg
naar het eerste stapje.

Hopen maar
dat ze niet valt.