woensdag 28 maart 2012

Lopen

Vooruit, vraag me eens
wat ik doe op een dag.
Ik zit thuis en werk niet.
Doe ik het huishouden?
Kook ik? Knutsel ik?
Ben ik aan de sherry?
Waar vul ik mijn tijd mee?

Zal ik het zeggen?
Ja? Daar komt ie dan!
Ik loop.
Elke dag loop ik een stukje.
Een ommetje van 4 minuten.
En elke week loop ik
een minuutje langer.
Nu loop ik al 10 minuten per keer.
 
Dat is wat ik doe.
Lopen.
1x per dag.
Het voelt als sporten.
Het is ook sporten.
Want elke beweging
is topsport voor mijn unieke lijf.

Dus loop ik.
Met mijn buurvrouw
van 2 huizen verder op,
hou ik een stiekeme competitie
zonder dat zij het weet.
Zij is ergens achter in de 80
maar het rondje dat zij loopt,
is groter dan mijn rondje.
Ik ga voor de overtreffende trap.
Kom maar op buurvrouw!

Lopen dus.
Ik ben niet alleen.
De kat loopt mee tot de hoek,
dan sla ik linksaf.
Ik laat hem luid miauwend achter.
Als ik 5 minuten later terugkom,
rent hij me luid gillend tegemoet.
Dan lopen we terug naar huis,
de kat en ik.

Thuis moet ik liggen op de bank.
Ik ben duizelig.
Mijn lijf slaat groot alarm.
Alsof het zwaar heeft getraind.
Dat heeft het ook.
Het duurt een lange tijd,
voordat ik weer kan opstaan.
Maar nog iets doen vandaag,
dat lukt niet meer.

Morgen weer een dag.
Dan ga ik weer lopen.
Elke dag een stukje.
Dat is wat ik doe.
Lopen.